Pastorale werkgroep

Diaken H. Vugs

Jan Sloot: overleden 23 mei 2017

Het Eeuwige Leven – Jan Sloot 1936-2017

Een franciscaan in hart en nieren

‘Jan (Johannes Bernardus) Sloot is dood’ was het opvallende rijmpje boven een overlijdensbericht in de Volkskrant. Zijn vrouw Els Brouns had die zin bedacht: ‘Jans’ familie was er niet zo blij mee, maar ik vond het de juiste tekst. Hij heeft een afschuwelijk ziekbed gehad’.

De 81-jarige godsdienstsocioloog overleed op 23 mei aan de gevolgen van alvleesklierkanker. Hij moest een operatie ondergaan, maar liep in het ziekenhuis een bacteriologische infectie op die hem fataal werd. Sloot was franciscaan en bleef dat ook, aldus Brouns. Hij trad in 1986 uit en ging een jaar later met haar samenwonen. Hij bleef lesgeven aan de Katholieke Leergang en deed onderzoek voor het Franciscaans Studiecentrum. Resultaat daarvan waren twee boeken: het Hoe God verscheen in Papoea uit 2010 en Vijftig jaar in het spoor van Franciscus en Clara van Assisi: De geschiedenis van de Franciscaanse Beweging, wat hij vijf jaar later publiceerde. Hij schreef dat boek samen met Krijn Pansters.

Jan Sloot werd geboren in een katholiek gezin van elf kinderen in het Friese dorpje Peperga (gemeente Weststellingwerf). Zijn vader was veehandelaar. ‘Hij was de oudste jongen’, vertelt Brouns. ‘Dat hij geestelijke zou worden, was in dat gezin min of meer vanzelfsprekend. Omdat de dorpspastoor franciscaan was, werd Sloot op 12-jarige leeftijd naar het franciscaans gymnasium Immaculatae Conceptionis in Venray gezonden. Het was een dag reizen van huis.’ In het begin vond hij het er verschrikkelijk omdat hij met zijn accent buiten de groep viel. Hij bleek echter een uitstekend sporter en een goede student en vond alsnog zijn draai. Na het voltooien van de opleiding reisde hij liftend naar Rome. Daar trad hij in bij de franciscanen. Dat betekende dat hij voorbestemd was de rest van zijn leven door te brengen in twee pijen: een voor zon- en feestdagen en een voor door de week. Hij voltooide in 1961 een priesteropleiding, waarna hij een lange reis rond de wereld zou maken. Met de Holland-Amerika Lijn reisde hij begin jaren zestig naar de VS, waar hij een cursus Engels zou volgen. Vervolgens ging hij naar Japan om daar als missionaris zieltjes te winnen. Twee jaar kreeg hij Japanse les in Tokio en daarna verbleef hij vier jaar op het noordelijke eiland Hokkaido. Brouns: ‘Het was een onherbergzaam en in de winter door sneeuw en ijs geïsoleerd gebied. Hij zag algauw in dat het bekeren van de bevolking tamelijk zinloos was. Met andere franciscanen hield hij zich bezig met het opzetten van kleuterscholen, die waren daar toen nog niet.’ In 1970 reisde hij via Rusland – met de Trans-Siberische Spoorlijn – richting Europa. Zijn doel was een bezoek aan Nederland.

Hij wilde weer naar Japan, maar besloot zijn leven een andere draai te geven. Hij ging godsdienstsociologie studeren in Tilburg. Daarna gaf hij les aan de Theologische Faculteit. Elke ochtend begon hij om 7 uur met het lezen van de Mis voor de clarissenorde, zat voor negen uur op zijn faculteitskamer – een volle baan – en gaf daarnaast college aan de Katholieke Leergangen. In 1986 kwam hij tot het besef dat het leven in een kloosterorde erg eenzaam was en besloot zijn priesterambt neer te leggen. ‘Hij was iemand die een maatje nodig had’, zegt Brouns. ‘In 2008 zijn we getrouwd.’

Sloot werkte nog lange tijd door. In zijn optiek was de publicatie van het boek over de Nederlandse franciscanen in Nederlands Nieuw-Guinea Papoea een hoogtepunt. Hierin beschreef hij hoe het karakter van de missie daar veranderde, zoals hij zelf had ervaren in Japan.

Peter de Waard Bron: De Volkskrant Woensdag 28 Juni 2017